WIELRIJDER RIJWIEL - FIETS
| A. Het rijwiel van de
wielrijder Het legerrijwiel is groen gemoffeld. De gebruiker was verantwoordelijk voor rijwiel en toebehoren en het onderhoud daarvan. De berijder mocht na opleiding de volgende handelingen zelfstandig uitvoeren 1. lekke banden herstellen 2. voorwiel, achterwiel en ketting nastellen 3. onschadelijk maken van enkele gebroken spaken. Het gereedschap en materiaal hiervoor zat in het kleine reparatietasje. |
A |
| B. Detail van de bagagedrager Er waren drie typen drager in gebruik: 1. smalle van rond ijzer 2. smalle van buis 3. brede van bandijzer (zoals hier) Op de bagagedrager werd met twee riemen de bagagefoedraal wielrijders bevestigd. |
B |
| C. Detail van de beschildering van
het balhoofd met de Nederlandse driekleur. D. Detail van de zadelpin en de bevestiging van het zadel. E. Detail van het spatbord en de rode reflector |
C D E |
| F. Fietspomp | F |
| G. Details van het leren
gezondheidszadel met veerconstructie H. Zij-aanzicht van het zadel |
G H |
| I. Onderaanzicht van het zadel J. Detail van de onderzijde van het zadel met een gestempelde M in cirkel |
I J |
| K. Bovenzijde van het zadel, zonder
veerconstructie L. Onderzijde van het zadel, zonder veerconstructie |
K L |
M. Onderzijde van het zadel met gestempelde M in cirkel N. Houten handvaten van het stuur |
M N |
| O. No. 84 Voorschrift Rijwiel, Breda,
Koninklijke Militaire Academie, 1932 In 1935 zijn hieraan nog enkele wijzigingen toegevoegd. Opgenomen zijn: - algemene bepalingen - samenstellende delen - toebehoren per rijwiel - uiteennemen en ineenzetten - behandeling - onderhoudsmiddelen - reinigen - inspectie - herstellingen door berijder - gegevens omtrent het rijwiel Inclusief 4 platen, waaronder onderstaande Plaat 1: het rijwiel |
O |
|
|
WIELRIJDER RIJWIEL - FIETS