Patroontassen voor het
geweer M.95. Deze patroontassen werden meestal per paar
gedragen. Er bestaat een onderscheid tussen de linker- en
de rechtertas: de linker heeft aan de buitenzijde
namelijk een speciaal vakje voor de geweersleutel (zie
ook H). De patroontassen worden aan de koppel geschoven
en aan de voorzijde, op de buik gedragen.
A. voorkant patroontassen (boven = linker, onder =
rechter)
B. achterkant patroontassen
C. bovenkant van patroontassen: vier variaties. De
rechter twee tassen zijn op de hoeken versterkt met een
metalen hoekplaatje
 |
THEORIE
Sergeant: Dinges,
vertel me eens wat is nu strategie?
Dinges: Strategie, sergeant, dat is wanneer
je geen munitie meer hebt en je blijft toch door
vuren, zoodat de vijand het niet merkt.
De Wacht, dpl. P. Engel, M.C.-I-5 R.I., IV
L.K. |
D. achterzijde van de patroontassen:
hier is de variatie veel minder
E. klinknagels aan de achterzijde van de patroontas en
fragment van een ovaal fabrikantenstempel (Van der Horst
& De Heus)
F. binnenkant patroontas met ruimte voor 12
patroonhouders. Elke soldaat kon dus 2 x 60 = 120
patronen bij zich dragen.
G. stempel CM 1916 (Centrale
Magazijnen en fabricagejaar) op
binnenzijde klep patroontas
H. patroontas met vakje voor geweersleutel en ingeslagen
cijfers
I. geweersleutel. Op de geweersleutel staan twee
getallen. Deze getallen corresponderen met het
wapennummer van het geweer.
J. patroondoos 5-17 (mei 1917)
voor 2 patroonhouders, met scherpe patronen No.1
K. patroondoos 3-39 (maart
1939) voor 2 patroonhouders
L. achterzijde patroondozen met de speciale metalen
sluiting
M. links de blanke patroonhouder voor vijf patronen uit
1919, rechts de bruin gelakte patroonhouder uit 1939
|
A B
C
D
E F
G H
I
J K
L
M
|