| |
Als een Nederlandsch soldaat
bij een keukenwagen staat,
komt een opgewekte glimlach om zijn mond.
Kok, wat eten wij vandaag?
Is zijn allereerste vraag.
Lekker eten, zal je weten, is gezond.
En als de kok de etensketel vult
dan zingt de heele troep vol ongeduld
Oh wat is die rats weer
lekker,
oh wat is de snert weer fijn.
Om van eten iets te weten,
moet je bij het leger zijn (bis).
|
Ieder eet zoveel hij kan,
ook al komt daar buikpijn van.
als het smaakt, dan trek je je daar niets van aan.
Dan valt Jansen puffend neer,
en de Brigges hikt: "Ik kan haast niet meer
staan".
De dikke ordonnans slaapt blij van zin,
maar dan verschijnt de wacht...en die zet in:
Refrein
Het verwende 'Moederskind',
dat eerst rats ontzettend vindt,
bedelt later om de restjes bij zijn maat.
En dan geeft-ie eerlijk toe
eet ik met verlof bij moe,
ga ik van die flauwe kost haast van de graat.
En vraagt zijn ma: "Hoe is 't dienst-diner?"
Dan zegt-ie: "O, Mama... dat is O.K."
|